Leerstoel Mens, Arbeid en Duurzame Samenleving

Het BeNeLux-Universitair Centrum® (B.U.C.) bevordert de samenwerking tussen België, Nederland en Luxemburg en is actief op het gebied van educatie, wetenschap, cultuur en humaniteit. Het realiseert daartoe opleidingen, studie en onderzoek, seminars, symposia, conferenties en publicaties.

 

 

De bestaande leerstoel Mens en arbeid is in ontwikkeling en wordt uitgebreid met de gerichtheid op duurzame samenleving. De B.U.C.-leerstoel Mens, Arbeid en Duurzame samenleving biedt daarmee inspiratie- en reflectiemogelijkheden aan professionals die betrokken zijn bij de verduurzaming van de arbeidsmarkt. Denk daarbij aan bestuurders, beleidsmakers en de professionals, dus al degenen die werkzaam zijn bij ministeries, sociale partners, sectorfondsen, beroepsverenigingen en in het veld.

Perspectief van de leerstoel Mens, Arbeid en Duurzame samenleving

De verduurzaming van de samenleving staat in alle drie de Benelux-landen hoog op de maatschap­pelijke agenda. Deze opdracht vraagt een diepgaande en samenhangende verandering van visie, gedrag, structuren en wetgeving in onze landen. Daaraan wordt in verschillende sectoren nationaal en Europees thematisch samengewerkt, denk bijvoorbeeld aan circulaire economie en de energie­transitie. Ook de verduurzaming van arbeid is daarbij een belangrijk thema. Het gaat dan om de vraag hoe arbeid, arbeidsmarkt en voorzieningen zo georganiseerd kunnen worden, dat ze optimale ondersteuning bieden om met het menselijk potentieel ten volle in te zetten voor een duurzame samenleving.

Inspiratie voor complexe vraagstukken

Onze samenlevingen zijn in een nieuw tijdperk terechtgekomen. De start van de Brexit-procedure brengt een schok teweeg op het economische krachtenveld in Nederland met grote gevolgen. En er zullen meer schokken op de arbeidsmarkt afkomen. De natuur is daarbij een belangrijke bron voor productiviteit en verbetering ervan. Darwin was de eerste die de bestaande visie ‘survival of the fittest’ een nieuwe betekenis gaf. Hij ‘reframede’ het begrip fittest. ‘Het is niet de sterkste of slimste soort die overleeft, maar de soort die zich het best weet aan te passen aan veranderende om­standigheden.’ Geïnspireerd door begrippen uit de natuur zoals kringloop, balans en autonomie in wederzijdse afhankelijkheid wordt er in de verduurzaming van de organisatie van arbeid, organisaties en productieketens in de Benelux veel goed werk verzet.

Veranderingen vragen om aanpassingsvermogen

De hiervoor genoemde begrippen laten zien dat er nog heel veel te doen is. Het tempo van de ver­anderingen blijkt echter groter dan het aanpassingsvermogen. Die frictie wordt zo goed mogelijk op de werkvloer opgevangen, maar dat lukt niet altijd en overal. Psychische belasting neemt toe. Volgens de OESO kost het ontbreken van gecoördineerd beleid de Nederlandse samenleving 20 miljard per jaar. Om de arbeidsmarkt te verbeteren is innovatie behulpzaam en nodig, maar volgens datzelfde OESO is een nieuwe benadering nodig om de mogelijkheden van technologie beter en gelijkmatiger te benutten. Het innovatiebudget is bijvoorbeeld vooral toegankelijk voor het grote bedrijfsleven, maar daar komt de vernieuwing niet vandaan. (Dat zou Darwin niet hebben verbaasd.) Voor de samenleving als geheel wordt de duurzaamheid van de arbeidsmarkt bedreigd door een har­de kern werkzoekenden met vaardigheden die niet meer aansluiten op de vraag en een groeiende beloningskloof tussen vaste en flexibele arbeid en zzp’ers zonder pensioenopbouw of arbeidsrisico-verzekeringen. Het aanpassingsvermogen moet omhoog om een duurzame samenleving te blijven vormen.

Reflectie en studie, en ook toenadering en samenwerking

Aan bovenstaande vraagstukken wordt door de Benelux-landen op uiteenlopende wijze gewerkt. Het Nederlandse poldermodel heeft vanuit de historisch sterke oriëntatie op het internationale bedrijfs­leven (multinationals) een meer Angelsaksisch karakter. Het Belgische beleid is meer gericht op het ondersteunen van KMO’s (kleine of middelgrote ondernemingen) en heeft daarmee meer een Rijn­lands karakter, met een menselijker gezicht. De Benelux-landen hebben dus geheel eigen stelsels van beleid en beleidsreflectie en -vernieuwing.
Het BeNeLux-Universitair Centrum biedt vanuit zijn doelstellingen daarbij in de Benelux de mogelijk­heid tot reflectie en studie van de verschillen, en ook tot toenadering en samenwerking. Hierdoor kan het B.U.C. ons inspiratie en tools bieden voor het vernieuwen van de arbeidsmarkt en daarmee de transitie naar een duurzame samenleving helpen versnellen.

Leerstoel en BeNeLux-Europa Kring

De BeNeLux-Europa Kring is een netwerk van personen die sterk betrokken zijn bij de onderwerpen waarop het BeNeLux-Universitair Centrum zich richt.
Bij het vormgeven van opleidingen, studie en onderzoek, seminars, symposia, conferenties en publicaties steunt het B.U.C. op een kring van bestuurders en betrokkenen die zich op dit beleids­terrein verdienstelijk hebben gemaakt. Met hun kennis en ervaring willen en kunnen zij bijdragen aan inspiratie- en reflectiemogelijkheden. Denk bijvoorbeeld aan personen als:
minister Mark Eyskens, voormalig premier en minister van Economische Zaken van België; prof. Jan Peter Balkenende, Partner bij EY en voormalig minister-president van Nederland; ereminister Maria van der Hoeven (Onderwijs en Economische Zaken); prof. Bernard Wientjes, oud-voorzitter VNO NCW; Belgisch vice-premier Chris Peters (vm. secretaris-generaal KMO, minister van arbeid, Vlaanderen); mr. drs. Hans van Baalen, voorzitter Liberalen in Europa; dr. Nout Wellink, oud-president DNB en lid Raad van Commissarissen Bank of China; EU-commissaris Marianne Thijssen, verantwoordelijk voor Werkgelegenheid, Sociale Zaken, Vaardigheden en Arbeidsmobiliteit; mr. Piet-Hein Donner, vicevoorzitter Raad van State en voormalig minister van Justitie en Sociale Zaken en Werkgelegenheid; Tjeerd Hulsman, voorzitter Arbeidskundig Kenniscentrum; Monique Klompé, voorzitter Nederlandse Vereniging van Arbeidsdeskundigen NVvA.

Behoefteverkenning op het gebied van mens, arbeid en duurzame samenleving

De leerstoel Mens, Arbeid en Duurzame samenleving is in ontwikkeling. B.U.C.-voorzitter prof. dr. Anton van der Geld heeft aan Ton Veldman en Maarten de Winter voorgesteld om gesprekken te voeren met mogelijke doelgroepen. Zij zouden de behoefte eraan kunnen verkennen en in kaart brengen, en daarbij de mogelijkheden betrekken die de leerstoel biedt. Ton Veldman MA is arbeids­deskundige, drs. Maarten de Winter is econoom en organisatieadviseur (auteur van deze nota).

B.U.C. gerelateerde informatie en downloads:
Samenwerkingsverklaring B.U.C. –> BeneLux parlement
Bijzondere leerstoelen B.U.C.

Gerelateerde (externe) links:
https://www.nvgzp.nl/nieuws/10287-2/
https://www.neth-er.eu/nl/nieuws/OESO-Innovatie-bevordert-de-arbeidsmarkt-maar-nieuwe-benadering-innovatiebeleid-nodig